De buitenplaatsen in de Beemster -- Personen
Indexpagina
De buitenplaatsen in de Beemster
Inleiding
Overzicht
Personen
Verwijzingen
Stoomtram door de Beemster en de Schermer
Tramlijn door de Purmer en de Zuidpolder
Stoomtram door de Egmondermeer
Zuiderkogge-tramlijn
De poldermolens van de Beemster
De opschepingen van de Beemster
Twintig overhalen in de Beemster?

De meeste eigenaren van een buitenplaats in de Beemster hadden hun handen vol aan het beheer van hun ene eigen buitenplaats. Sommige personen komen we echter bij meerdere buitenplaatsen tegen als eigenaar of beheerder. Deze worden hier kort behandeld, de overigen alleen bij hun eigen buitenplaats.

Jan Switser

Geboren 1739 in Amsterdam. In 1748 verhuisde hij naar de Beemster omdat zijn vader Albert hovenier werd op
de buitenplaats van Balthasar Coymans. Na zijn schooltijd werd Jan Switser een jaar lang knecht van zijn vader. Na diverse andere baantjes door heel Holland, werd hij in 1759 door Joan van Foreest (zie hieronder) aangenomen als hovenier op zijn buitenplaats "Volgerlust".

Na het overlijden van Joan van Foreest moest Switser elders een baan zoeken. Dat lukte niet op de buitenplaats "Volgerwijck" van de heer Borghorst (zie hieronder), maar wel op de buitenplaats "Beemsterlust" van Klaas de Jong uit Zaandam. De behandeling als arbeider beviel hem echter niet, en hij solliciteerde met succes als landmeter van de Beemster, waarna hij in Purmerend ging wonen.

Vanaf 1770 verdiende Jan Switser tevens een goede boterham door in opdracht vee aan te kopen in heel Nederland, en dat naar de Beemster te vervoeren. In 1775 koopt Switser voor mr. Hendrik Bicker BK 94, 17 morgen land. In 1778 voor zoon J. Bicker de buitenplaats op BK 95, dit zal waarschijnlijk "Volgerlust" zijn geweest. Dit buiten werd door Switser samen met zijn zwager Hendrik Siebers (die aannemer was) in 2 jaar volledig afgebroken en opgeruimd. Vervolgens huurde en onderverhuurde Switser de vrijgekomen landbouwgrond tot 1790.

Hij overleed in 1791, zijn nakomelingen vormden een bekende handelaarsfamilie in Purmerend.

Familie Van Foreest



De zeer vermogende familie Van Foreest was rijk geworden door inkomsten uit ambten, landbezit en aandelen.

Nanning van Foreest (1578-1668), schilderij door A. Hanneman (1662) in 1942 nog in bezit van mevr. de Douairière A. van Foreest-Beets, "Huize Nijenburg", Heiloo. Nanning was een van de toegevoegde bedijkers van de Beemster. Later wilde hij dit succes nog eens herhalen met de droogmaking van de Heerhugowaard, maar hij verkeek zich op de nadelige omstandigheden (slechte bodem, veel eilandjes, tegenwerkende steden, veel steekpenningen nodig), zodat dit project een financieel fiasco werd. Tevens was hij betrokken bij de droogmaking van de Schermer.

Nanning trouwde met M. van Sonneveldt en zij kregen een dochter Hester van Foreest. Deze trouwde met Dirk van Foreest, secretaris van gecommitteerde raden, raad van Hoorn, hoofdingeland van de Heerhugowaard, kerkmeester en poldermeester van afdelingen M en N in de Schermer, vanaf 1652 hoofdingeland van de Schermer, overleden 3 augustus 1679.

Dirk en Hester kregen in 1640 een zoon Mr. Jacob van Foreest, deze trouwde met Maria Sweerts. Maria was de dochter van Jan Sweerts, eigenaar van de buitenplaats Over-Rijp", zo kwam deze buitenplaats in bezit van de familie Van Foreest. Jacob was hoofdingeland van de Beemster, de Heerhugowaard en de Purmer, en vanaf 1680 hoofdingeland en poldermeester van de afdeling N van de Schermer. Verder was hij schepen, raad en burgemeester van Hoorn, bewindhebber bij de Oostindische Compagnie, en secretaris van gecommitteerde raden. Hij werd op 11 januari 1708 begraven in de Grote Kerk in Hoorn. De eerste zoon van Jacob en Maria was Dirk van Foreest, 5 augustus 1676-7 december 1717. Een zoon van Dirk die ook hoofdingeland van de Beemster werd was Mr. Cornelis van Foreest, 10 februari 1704-11 augustus 1761.

De tweede zoon van Jacob en Maria was Mr. Nanning van Foreest, geboren te Hoorn in 1682, eerst getrouwd met Jacoba Compostel en later voor de tweede keer getrouwd met Jacoba de Vries. Nanning was Heer van Petten en Nolmerban, burgemeester en raad van Hoorn, vanaf 1715 hoofdingeland van de Beemster, vanaf 1718 hoofdingeland van de Schermer. Van Nanning wordt vermeld dat hij eigenaar was van de buitenplaats Over-Rijp", hier stierf hij in 1745. Nanning en Jacoba (2) kregen acht kinderen, zoon Jhr. Nanning van Foreest was van 1773 tot 1785 hoofdingeland van de Schermer en bezat tot 3 juli 1785 de buitenplaats "Het Huis Over 't Water" op de Schermer kavel O 12,13. Jhr. Nanning trouwde met Christina Johanna Crap, en kreeg vier dochters en één zoon Willem Nicolaas van Foreest, secretaris en griffier bij het Vredegerecht no. 1 te Hoorn.

Mr. Nanning's dochter Agatha van Foreest kreeg een deel van de erfenis. Zie voor haar levensgeschiedenis http://www.historisch-toerisme-bureau.nl/artikelen/agathavanforeest.htm.
Mr. Nanning's broer Cornelis van Foreest bezat "Huize Nijenburg" bij Heiloo en schonk in 1758 de buitenplaats "Volgerlust" aan zijn zoon Joan van Foreest. Deze was bestuurder in Hoorn. Joan trouwde in 1752 met Agatha, maar stierf reeds in 1767. Zij kregen wel 9 kinderen.
BK 93 was sinds 1766 ook in bezit van Agatha, tevens bezat zij in 1790 de buitenplaats "Vredeveld" op BK 92. Agatha zorgde voor opschudding door te trouwen met boerenknecht Jan Schenk.

In 1763 is er sprake van een Mr. Dirk van Foreest die dan hoofdingeland van de Schermer wordt. Tevens was hij Heer van Schoorl en Camp, gecommitteerd raad te Hoorn en hoofdingeland van de Beemster. Hij trouwde met Maria Wilhelmina Stoezak en overleed in 1782.

Mr. Dirk's zoon Jacob van Foreest werd gedoopt op 25 februari 1761, en trouwde met Francina Jacoba Burman. Hij was heemraad en hoofdingeland van de Wieringerwaard, hoofdingeland van de Heerhugowaard, vanaf 1783 tot 24 december 1796 hoofdingeland van de Schermer, en overleed op 10 november 1798 te Alkmaar.

Zoon van Mr. Jacob was weer een Jhr. Nanning van Foreest, geboren 18 april 1756 te Alkmaar, en getrouwd met Wilhelmine Christina le Chastelain. Jhr. Nanning was Heer van Petten, van 1790-1796 hoofdingeland van de Schermer, kolonel, lid van de Ridderschap van Holland, wethouder van Alkmaar, hoofdingeland van de Beemster, hoogheemraad van de Hondschbossche, en overleed op 28 september 1828.

In 1785 werd een Mr. Zacheus van Foreest hoofdingeland van de Schermer, hij werd daar ook secretaris. Tevens was hij hoofdofficier van Alkmaar, en overleed in 1824.

De zoon van Mr. Zacheus heette Willem Dirk van Foreest en werd te Alkmaar gedoopt op 24 april 1796. Hij trouwde met Maria de Jong, en was van beroep strandvonder. Op 25 maart 1826 werd hij benoemd tot burgemeester van Heiloo, tevens was hij vanaf 1826 hoofdingeland van de Schermer. Willem Dirk overleed op 28 november 1840 te Alkmaar.

Borghorst



Rond 1771 kocht de weduwe van Jan Borghorst, Maria van Tarelink,
de buitenplaats "Beemsterlust".

Op 28 april 1791 trouwde in Middenbeemster mr. Hermannus Borghorst met Immegonda Maria Duyvensz, dochter van mr. Augustinus Hndrik Duyvenszoon, die van 8 april 1790 tot 1804 secretaris van de Beemster was. Het huwelijksfeest werd gevierd op de buitenplaats "Belvliet" aan de Oostdijk, waar de Enkhuizense familie veel verbleef. Het jongehuwde stel ging wonen op de buitenplaats "Volgerwijck", waar op 7 juli 1799 de oudste zoon Joan Jacob Borghorst werd geboren.

Hermanus Borghorst jr. was vanaf 1794 hoofdingeland van de Beemster en eigenaar van de buitenplaats "Volgerwijck".

Klik door naar Verwijzingen

Impressum
© 2007 Michiel Hooijberg.

Klik hier voor de Indexpagina.